Christelijk onderwijs kent ook schaduwkanten

Christelijk onderwijs kent ook schaduwkanten
Is het de roeping van de kerk om de christelijke identiteit van plaatselijke scholen te bewaken? Hoort christelijk onderwijs per definitie bij geloofsopvoeding? Ds. A.J. Wessels uit Woudenberg gaat met de redactie in gesprek.

Ds. Wessels heeft jonge, schoolgaande kinderen. In zijn vorige gemeente, Schelluinen, gingen zijn kinderen naar een openbare school. Er was daar slechts één school op het dorp. In zijn huidige woonplaats gaan zijn kinderen wel naar een christelijke school.

Wat is uw eerste associatie met christelijk onderwijs?

‘Waardevol. Onze kinderen krijgen hier op de christelijke school geweldig veel mee, bovenop onze eigen opvoeding. Bijbelverhalen bijvoorbeeld, en de liederen die ze zingen. Dat ben ik meer gaan zien door het contrast met Schelluinen. In Schelluinen werd van ons verwacht dat we onze kinderen naar de enige school die er in het dorp was zouden sturen. Daar hebben we over nagedacht. Onze conclusie was: het hoort er in dit dorp wel bij. Er was een duidelijke link tussen de kerk en de school. Mijn voorgangers, ds. P. Hoogendam en ds. B.A. Belder, gaven bijbelles aan de hoogste groepen. Ik heb dat, samen met een vrijwilligster, ook gedaan. Elke vrijdagmorgen, vaste prik.’

Moet christelijk onderwijs niet te allen tijde onze voorkeur hebben?

‘De situatie in Schelluinen bracht met zich mee dat je zelf thuis meer aan de slag moest met de geloofsopvoeding. Maar aan de situatie in Woudenberg zitten ook schaduwkanten. Hier zit er maar een handjevol niet-christelijke kinderen op school. Het is jammer als we die kinderen met het Evangelie niet bereiken kunnen. .

Het gevaar is ook dat je als ouders de geloofsopvoeding meer uit handen geeft. Je hebt bij de doop beloofd om zelf op te voeden, of om op te laten voeden, maar dat wordt pas als tweede genoemd. Vaak hebben we het omgedraaid. De volgorde hoort te zijn: thuis – kerk – school, maar wij hebben ervan gemaakt: school – kerk – thuis. Als geloofsopvoeding thuis geen inbedding krijgt, ben je het allemaal weer kwijt. Het wordt te gemakkelijk bij de school gelegd en thuis wordt er te weinig aan gedaan. Dat kan niet. Daarom ben ik ervan overtuigd dat je als christen je kinderen naar een openbare school kunt sturen, omdat het thuis moet beginnen.

Maar als er thuis ook weinig aan gedaan wordt, komt de geloofsopvoeding wel in het nauw.

‘Voor de meeste gemeenteleden hier is het vanzelfsprekend om de kinderen naar een christelijke school te sturen. Ik weet niet of het mijn rol is om dat nog meer te stimuleren. Op voorhand christelijk onderwijs promoten zou ik niet doen. Ik zie de zegeningen maar ook de schaduwzijden.' 

Lees de volledige tekst van dit artikel in De Waarheidsvriend van donderdag 15 juni 2017.

« Terug naar de lijst