God en de volken

Geplaatst op 26-05-2020
God en de volken
In het tweede artikel over Jesaja zoomen we in op Jesaja 1-39. De een na de andere oordeelsprofetie over volken rond Juda wordt uitgesproken. Wat hebben die profetieŽn met Juda te maken? En wat hebben ze ons te zeggen? schrijft ds. K. Timmerman.

De hoofdstukken 1-39 kunnen we het beste verstaan tegen de achtergrond van de Assyrische tijd. Op wie vertrouwt Juda? Op de Heere of Assyrië? Op andere volken? 

De Syro-Efraïmitische oorlog

Jesaja 7-12 begint met de Syro-Efraïmitische oorlog, die duurde van ongeveer 734 tot en met 732 voor Christus. In de tijd van koning Achaz, de koning van Juda, is Assyrië de belangrijkste grootmacht. Daarom hebben Rezin, de koning van Syrië, en Pekah, de koning van het tienstammenrijk Israël, een verbond met elkaar gesloten. Ze komen in opstand tegen Assyrië en proberen ook koning Achaz bij de coalitie te betrekken. Wanneer koning Achaz weigert, trekken koning Rezin en koning Pekah op tegen Jeruzalem om oorlog te voeren.

Lees de volledige tekst van dit artikel in De Waarheidsvriend van donderdag 28 mei 2020.

Klik hier om een los nummer te bestellen, en hier om een abonnement op De Waarheidsvriend te nemen.