Jezus kómt terug

Geplaatst op 18-11-2020
Jezus kómt terug
Jezus Christus komt terug. Deze adventsverwachting doortrekt de prediking van Augustinus (354-430). Tegelijk weet hij volgens dr. J.B. ten Hove dat deze geloofsverwachting geen vanzelfsprekendheid is.

Twijfel slaat toe of er wordt mee gespot. Hoe gaat Augustinus daarmee om? Het uitgangspunt om daar zicht op te krijgen is een preek (s.113A) die Augustinus vermoedelijk in het jaar 403 heeft gehouden.

De verwachting van Christus’ komst op de oordeelsdag behoort volgens hem tot de kern van het christelijk geloof. Toch weet hij dat deze geloofsverwachting geen vanzelfsprekendheid is. In de wereld wordt ermee gespot, dat is al een oude geschiedenis. Bovendien houden ongeloof en twijfel geen halt buiten de kerk. Ook binnen de gemeente vragen mensen zich af hoe betrouwbaar de bijbelse profetieën zijn. Hiermee heeft Augustinus in zijn eigen leven existentieel geworsteld. Als prediker en pastor ziet hij zich geroepen om serieus op deze vragen in te gaan.

Geloof zonder bewijs

De zekerheid van Christus’ wederkomst is volgens Augustinus allereerst een zaak van geloof zonder zichtbaar bewijs. Men kan een toekomstige gebeurtenis immers niet van tevoren bewijzen. Bovendien is het volgens hem kenmerkend voor het geloof dat het overtuigd is van iets wat nog niet zichtbaar is.

In zijn preek geeft hij enkele concrete voorbeelden.

Lees de volledige tekst van dit artikel in De Waarheidsvriend van donderdag 19 november 2020.

Bestel een los nummer, maak gebruik van onze actie en lees De Waarheidsvriend vier maanden voor € 10,- of neem een jaarabonnement op De Waarheidsvriend.