Waar bent u naar op zoek?

Muziek in de eredienst

06-01-2014

Waar gaat het om in de ontmoeting van God met Zijn gemeente als we dat benaderen vanuit het lied? Welk type lied is passend voor de eredienst? En wat is de dienende functie van de musicus? Arjen J.A. Uitbeijerse schrijft erover.

‘Ze begrijpen het niet’, verzuchtte onlangs een predikant. Het was tijdens een overleg met de organisten van één van de gemeenten waarin ik als organist zondags speel. Zijn verzuchting kwam voort uit het feit dat veel gemeenteleden de muziek die in de eredienst klinkt wel horen, maar niet lijken te ‘verstaan’.

Evengoed hebben veel gemeenteleden een uitgesproken idee over de gemeentezang, over het orgelspel en over de manier waarop in de dienst gemusiceerd zou moeten worden. Dit wordt ook regelmatig geventileerd. Tegelijk blijkt vaak dat inhoudelijke kennis over (kerk)muziek ontbreekt.
Nogal eens lopen de keuzes van de organisten voor bepaalde muziek of stijl in de dienst niet parallel met de smaak van gemeenteleden. Het is al snel te moeilijk, te technisch of te elitair. Of te snel, te langzaam, te hard of te zacht. Gelukkig zijn er ook wel andere geluiden hoorbaar, maar opvallend genoeg krijg je als organist vaak reacties als er voor, in of na de dienst een bekend lied geklonken heeft, zeker uit het genre van de opwekkingsliederen.

Als organist kun je hierdoor in conflict komen met je persoonlijke voorkeur enerzijds en je dienende functie als organist anderzijds. Kennelijk speel je als organist al snel over de hoofden heen. Hoe ga je daar goed mee om?
De oplossing hoeft niet zo heel ingewikkeld te zijn. Begrijpen mensen het niet? Dan moet het worden uitgelegd. Zijn er vragen over de muzikale invulling van de eredienst? Dan moet de kerkenraad dit helder en vanuit een doordachte visie kunnen verwoorden. Helaas blijkt dit in de praktijk niet zo eenvoudig.
Daarbij komt dat in hervormd-gereformeerde kring de laatste jaren liturgisch veel in beweging is. Eén en ander maakt bezinning op de liturgie in deze tijd ontzettend nodig, wil een gemeente niet voortdurend door de feiten worden ingehaald.