Schoonheid en huiver

Geplaatst op 23-06-2020
Schoonheid en huiver
In de belijdenisgeschriften wordt niet erg veel aandacht besteed aan de schepping. Gedurende vele eeuwen was het een min of meer slapend geloofsartikel. Over allerlei zaken werd strijd gevoerd, maar nooit over de schepping, constateert dr. A.A.A. Prosman.

In de tijd van de Reformatie is veel gestreden over het avondmaal, over de verdienstelijkheid van de goede werken, over de plaats van de overheid, over de ambten – denk aan het primaat van de paus – maar over de schepping waren luthersen, gereformeerden en rooms-katholieken het in grote lijnen met elkaar eens. God is de Schepper en de schepping is goed. Punt. Niemand die daaraan twijfelde.

Provisorisch

Dat is inmiddels veranderd. De schepping ligt onder vuur. In het debat over evolutie is de schepping een strijdpunt geworden. Daarnaast worstelen we met een juiste waardering van de schepping. In hoeverre is de schepping door de zonde aangetast? Is onze schepping vanaf het begin misschien bedoeld als een provisorische schepping, een tijdelijk huis om in te wonen en moeten we de herschepping zien als de echte schepping? Belangrijk is ook de vraag in hoeverre we ons ten aanzien van ethische vragen op de schepping kunnen beroepen.

Lees de volledige tekst van dit artikel in De Waarheidsvriend van donderdag 25 juni 2020.

Klik hier om een los nummer te bestellen, en hier om een abonnement op De Waarheidsvriend te nemen.