Droogte

Droogte
Met een gieter loop ik naar buiten. Het is warm, terwijl het toch al ver in de avond is. Eerst zijn de geraniums aan de beurt. Deze doen het nog goed, ondanks dat ze niet meer zoveel te drinken van ons krijgen.

We willen graag tegemoet komen aan de oproep om – vanwege de aanhoudende droogte – niet te veel water te gebruiken. Even later plof ik in de bank naast mijn man neer en zucht: ‘Sjonge, het is echt benauwd zeg. Heb jij de ramen boven nog opengezet?’ En meteen daarachteraan: ‘Onze twee hortensia’s hebben ’t niet overleefd.’ 

Het schermpje van mijn mobiel licht op. Ik kijk, het is een appje van Bep uit Malawi, een filmpje. Ik klik het aan, even wachten en dan galmt het vrolijk zingen van kinderen door onze woonkamer. De kinderen zitten op de grond, hun donkere ogen stralen. De tekst verschijnt: ‘Laatste schooldag in kinderzorgcentrum Namitambo.’ We zien hoe een kleine jongen met een kinderbijbel in zijn handen voor de groep gaat staan, deze opendoet en begint te vertellen in het Chichewa. ‘Hé, die jongen ken ik,’ roep ik blij verrast, ‘dat is Blessing.’ 

Meteen zie ik het weer voor me, het was vorig jaar juni in Malawi. Een weduwe had om hulp gevraagd. Samen met veldwerker Bep, pastor Joshua en het dorpshoofd lopen we naar haar woning toe. Het huisje is heel klein en gemaakt van gedroogde modder. Het dak is van riet, op de grond ligt een mat, verder niets. De vrouw wenkt ons om achter het huisje in de schaduw te gaan zitten. Ze vertelt: ‘Mijn man is vorig jaar overleden. We hebben een kleine moestuin, maar al twee jaar achter elkaar is alles door de droogte verdord.’ Ze bijt op haar lip en veegt snel langs haar ogen. ‘Ik kan mijn kinderen geen eten geven.’ Ze kijkt naar het slapende jochie bij haar op schoot. Een jongetje van een jaar of vijf zit naast haar. Zijn kroezige haren zijn rossig, een teken van ondervoeding. ‘Hoe heet jij?’ Bep kijkt hem vragend aan. ‘Blessing,’ antwoordt hij verlegen. 

Beschaamd, maar tegelijkertijd ook bemoedigd, sluit ik het filmpje af.

Marijke de Wit